Artikelindex

  

25ste Zondag door het Jaar

De Mensenzoon wordt overgeleverd (Marcus 9, 30-37)
Jezus wil vandaag zijn leerlingen onderricht geven. Daarom verkiest hij om - weg van de menigte - een rustige wandelroute door Galilea te nemen. Dit doet hij bewust, omdat hij met zijn leerlingen wil nadenken over wat er zou gaan gebeuren: zijn gevangenneming en zijn dood, maar ook zijn verrijzenis. In dit verband zegt Jezus aan zijn leerlingen: "De mensenzoon wordt overgeleverd in de handen van de mensen, en ze zullen hem doden. Maar na drie dagen na zijn dood zal hij weer opstaan." Maar, de leerlingen begrijpen zijn woorden niet. Er is niet eens een reactie van de leerlingen. Moeten we ons dan de vraag stellen of Jezus misschien een slechte leraar is? Of dat de leerlingen echt dom zijn?
Het is een feit dat voor dit onbegrip van de leerlingen enkele redenen aan te geven zijn:
    -  heeft Jezus het soms over dingen die de mensen gewoon niet kunnen begrijpen. Bijvoorbeeld dat hij uit
      de dood zal opstaan. Wat kunnen wij ons daarbij voorstellen?
    - is het haast niet te begrijpen dat Jezus wordt ter dood gebracht door de mensen. Hij, Jezus, die helemaal geen
      kwaad deed.
    - zijn de leerlingen met heel andere vragen bezig, heel menselijke vragen. Mensen vergelijken zichzelf altijd en
      overal met anderen en zien zo gelijkenissen en tegenstellingen.
In plaats van aan Jezus vragen te stellen en de nodige verduidelijking te krijgen van hem, gaan zij met elkaar twisten over zijn woorden. Het is een discussie op mensenmaat. Ze waren een antwoord aan het zoeken op de vraag: Als Jezus er niet meer is, wie van ons is dan de meest geschikte persoon om de leiding over te nemen? Wie zal dan bepalen welke onze houding zal zijn?
Kijken we naar onze wereld van vandaag, beste mensen, dan zien we net dezelfde discussies. Het voortdurende debat over onze onderlinge verhoudingen binnen de samenleving. De verhoudingen tussen werkgevers en werknemers, de verhoudingen tussen leraars en leerlingen, de verhoudingen tussen autochtonen en allochtonen. Niemand zal zeggen dat de ene groep superieur is aan de andere, maar ondertussen spelen allerlei conflicten en tegenstellingen. Steeds is er een spanningsveld aanwezig: Wie kan aan de ander zijn wil opleggen? Wiens belangen wegen het zwaarst? Hebben we geen angst voor wat de ander je zou kunnen aandoen?
De reactie hierop van Jezus is heel opmerkelijk. Hij zegt: Als iemand de eerste wil zijn, zal hij de laatste van allen moeten wezen en de dienaar van allen. Dat wil zeggen: Als je de toon wil aangeven, de eerste wil zijn in de richting die Jezus aanwijst, dan moet je ervan uitgaan dat al de anderen voor jou komen. Dan moet je er een levensdoel van maken van altijd alles te doen voor de anderen. Dus altijd de anderen dienen.
Het is ook in dit verband dat Jezus een kind als symbool stelt. Jezus wil ons duidelijk maken dat het niet gaat om het uitoefenen van macht en gezag, maar om weerloos en kwetsbaar leven. Kinderen zijn vaak eerlijker of gevoeliger, of zien dingen die de grote mensen niet meer zien. Ze hebben zorg en aandacht nodig en moeten nog veel leren. Jezus zegt: "Als je niet wordt als een kind, kun je mijn koninkrijk niet binnengaan." Kinderen kunnen niet bouwen op hun eigen kracht, maar hebben haast van nature openheid voor de mensen om hen heen. Ze moeten wel vertrouwen hebben, want ze hebben hen nodig. Grote mensen verliezen dat vertrouwen vaak door wat ze meemaken in hun leven. Vertrouwen op je vrienden, vertrouwen op je ouders. Eigenlijk leren kinderen ons om elke dag opnieuw van God te ontvangen wat we nodig hebben. "Jezus plaatst een kind in hun midden." Wat is dit toch een prachtig gebaar, beste mensen! Het is als het ware God zelf die wordt omhelsd in de gestalte van de kleinen en de zwakken.
Tot slot wil ik terugkeren naar het onbegrip vanwege de leerlingen van Jezus. De reactie van de leerlingen op de uitspraken van Jezus over zijn lijden en dood, is een reactie van herhaald onbegrip. Op regelmatige tijdstippen stellen we deze reactie vast. Dit komt doordat Jezus slechts stap voor stap zijn mysterie van lijden en dood en verrijzenis aan zijn leerlingen wil verduidelijken. Stapsgewijs, in het voetspoor van Jezus, zal voor ons mensen de weg duidelijk worden. De weg van de mens de opkomt voor recht en vrede, en die zachtmoedig en vertrouwvol blijft. De weg van de geweldloze houding, die het kwade niet met het kwade bestrijdt. De weg van de dienstbaarheid tot het einde. De weg die uiteindelijk leidt naar het leven.
Amen.

Henk Corluy