Artikelindex

33ste Zondag door het Jaar

Mijn woorden zullen niet voorbijgaan. (Mc.13, 24-32)
Telkens worden we op het einde van een liturgisch jaar geconfronteerd met het "einde der tijden" en apocalyptische beelden. Weinigen van ons, zullen dit evangelie van vandaag dan ook als hoopgevend en positief beschouwen, toch wil ik graag met jullie deze tekst in onze tijd duiden –want vooral de levenswijsheid acher het verhaal moet ons bijblijven.
Allereerst is er het verhaal dat we moeten situeren in een moeilijke tijd voor de christenen  waar sterke beeldende taal gebruikt werd om het einde der tijden aan te duiden. Vandaag weten we- vanuit de wetenschap- dat we eerder te maken hebben met een langzaam uitdovende kosmos, tenzij de mens zelf oorzaak is van een nucleaire of ecologische apocalyps. Maar zelfs dan roept het evangelie op tot waakzaamheid voor de grote tekenen. Terzelfdertijd moeten we ook aandacht hebben voor de kleine tekens. Deze zijn meestal niet voor de buitenwereld zichtbaar- zo spreekt het evangelie over het zacht worden van de twijgen aan de vijgenboom. Laten we dus groeien in de diepte, in ons hart want dan is de echte verandering in aantocht, dan breekt de lente aan. Ten slotte krijgen we in dit evangelie niet het beeld van het oordeel maar wel van de eenheid, Jezus komt om het plan van God te realiseren 'dat allen één zijn' en verzamelt zijn uitverkorenen. Laten we dus in ons leven mee- bouwen aan deze eenheid.
Als we echter het verhaal even loslaten en de levenslessen proberen te destilleren dan zijn er een tweetal: het einde der tijden, luidt een periode van bevrijding in, na de weeën komt de vreugde – laat ons dus in moeilijke momenten hoopvol blijven. Vandaag onthouden we echter vooral de zinsnede " Hemel en aarde zullen voorbijgaan maar mijn woorden zullen niet voorbijgaan". Wat er ook gebeurt in ons leven, Jezus' woorden blijven en bieden houvast en uitzicht. Ze dragen de kiem van een nieuw leven in zich.En dit vormt uiteindelijk de hoopvolle boodschap van vandaag.
Maar wat betekent het evangelie van vandaag voor ons: de beelden die Marcus oproept, kunnen we evengoed op ons eigen leven projecteren. Als we geconfronteerd worden met ontmoediging, ontgoocheling, tegenkanting of lijden dan is het moeilijk om de mooiheid van het leven te herkennen, dan is alles duister in ons leven, dan voelen we niet meer de vaste grond onder onze voeten, maar dan kunnen we denken aan de woorden van Jezus die ons hoop geven als een lichtpunt in de nacht. Dan kunnen woorden zoals "Weest niet bezorgd voor de dag van morgen" (Joh. 6,34), en "Waarom zo bang, kleingelovigen?" (Mt 8,26)  of nog "Maak je niet ongerust en verlies de moed niet" (Joh. 14,27), en vooral het woord van de liefde "Dit is mijn gebod,dat gij elkaar lief hebt" (Joh. 15,17) ons sterken en ons hart raken.
Maar ook in onze maatschappij worden we geconfronteerd met kommer en kwel: hoe zit het met onze werkzekerheid, wat met de groeiende sfeer van angst en wantrouwen die soms overslaat in agressie. Door de media worden we dagelijks geconfronteerd met een wereld waar oorlog, haat, geweld, armoede en ziekte op ons netvlies gebrand staan. De voortsluimerende problematiek van klimaatsverandering en milieu-aantasting, maar tevens de groeiende geloofstegenstellingen- het westen, met de verdere secularisering en het afkalvende katholiscisme–waar de Kerk het moeilijk heeft en aan de andere kant de extremistische tendenzen in andere wereldgodsdiensten –we kunnen en mogen er niet zomaar om heen. Ook dan kunnen de woorden van Jezus die zegt " Ziet, ik ben met u alle dagen tot aan de voleinding van de wereld" (Mt. 28,20) , of nog "Wat maak je je bezorgd en druk over veel dingen" (Luc. 10,41) terugdenken. Gelukkig zijn er ook de vele 'kleine' tekenen aan de horizon die de nieuwe toekomst kleuren. De vele mensen die het goede doen, die zich inzetten en zich geven voor meer dan eigenbelang. Mensen van ongekende onschatbare liefde, mededogen, onbaatzuchtigheid, overal in onze wereld. Ik denk aan die clochard in het station van Antwerpen die zich ontfermde over twee kindjes die bij hem werden achtergelaten door ouders op zoek naar drugs. Plots haalde die bedelaar het nieuws en werd hij overladen met attenties. Het beetje bijeen gebedelde geld had hij nog weggegeven. Mensen werden geraakt door de liefde van die man. Plots gaat hen weer een licht op van die' andere wereld.' Niet die van de macht van de markt en de beurs. Niet de wereld van uitbuiting, corruptie, cynisme, vernedering, terreur en geweld . Dat is niet de enig mogelijke wereld. We hebben nood aan visioenen van licht en vrede,liefde en gerechtigheid. Om van daaruit stukje bij beetje, dag na dag, een spoor te trekken van een andere, nieuwe wereld. Om een tegenkracht te vormen. Tegen het 'einde van de tijden'... de benauwende, schrikbarende tijden wel te verstaan! We willen als christenen, ons aansluiten bij die mensen van de tegenkracht. Dat al het goede in ons, zich voegt bij alle solidariteit en trouw die mensen elkaar betonen, overal in deze wereld en dat het tot een tegenbeweging komt tegen al wat dood maakt.
Aansluitend hierbij en ter afronding denk ik vandaag met een warm gevoel terug aan vorige week – de mooie dankmis, de goed georganiseerde maar vooral de warme en hartelijke receptie waar we als gemeenschap samenkwamen, vierden en deelden, aan de vele mensen die zich hierbij belangeloos inzetten en dit blijvend willen doen. Van harte bedankt! Graag wil ik hen, die zich vorige week ook aangesproken voelden om actief zelf te participeren in de verdere vormgeving van deze sterke Sint Paulus gemeenschap – een gemeenschap opgestart door pastoor Vandeneynde en op prachtige wijze voortgezet door Juul, oproepen dit ook te doen. Er zijn de diverse bestaande werkgroepen en koren, er is het parochiesecretariaat, er is de rouwgroep, tevens is er de mogelijkheid om te participeren in de homilie-groep, misschien heb je zelf nog ander suggesties.Je kan je spontaan aanmelden bij een lid van het parochieteam of zoals Jezus het verwoordde:
" De oogst is groot maar arbeiders zijn er weinig" (Lc. 10,2)
We verwelkomen je bij deze, alvast bedankt.

R.Wyffels