Artikelindex

Zaligprediking -  4de Zondag door het jaar - 30  januari ' 2011 - A cyclus

Goeienavond lieve mensen,
Vandaag is het Evangelie een bekende, maar nogal moeilijke tekst.
De armen van geest mogen gelukkig zijn, want zij hebben het koninkrijk der hemelen. Je moet gelukkig zijn als je treurt, want je wordt getroost. Enzovoort. Vreemde redenen om gelukkig te zijn, niet?
Ik heb mij in deze homilie vooral laten inspireren door Henri Nouwen, zoals u zal merken.
Ik wil eerst graag ingaan op dat woord “Zalig” of “Gelukkig”. In het Latijn stond “benedictus” met andere woorden “gezegend”. Benedictus komt van bene dicere: goede dingen zeggen. Als God u zegent, zegt Hij goede dingen tegen u. Zegenen is niet complimentjes geven, maar goede dingen zeggen over hun mens-zijn en het feit dat ze geliefd zijn. Ik citeer een voorbeeld van Henri Nouwen, een priester die samenleefde met mensen met een mentale handicap.
Bij de verstandelijk gehandicapten met wie ik werk, zat een fantastische vrouw, Janet. Janet kwam een keer naar me toe en zei: “Henri, kan je me zegenen? Dus ik zei: In de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.” Zij zegt: “Henri, het werkt niet.” Ik zeg: “Ik zegen je toch?” Zij zegt: “Het werkt niet.” Ik snapte het niet en vroeg: “Wat wil je dan?”
Ze zei: “Ik wil een zegen.”
Na de dienst, waarbij veel mensen op de grond zaten, zei ik: “Janet wil een zegen.” “Ja,” zei ze, “ik wil een zegen.” Ze kwam naar voren en legde haar hoofd op m’n borst. Ik omhelsde haar en ze nestelde zich in mijn armen. Ik trok haar kin iets omhoog en zei: “Janet, je bent een prachtige vrouw. je bent prachtig en we zijn dol op je. Ik weet dat je vandaag een beetje ongelukkig bent. Je hebt er behoefte aan weer te horen dat God je liefheeft en wij ook.”
Ze keek me aan en zei: “Ja, Henri, zo is het.” En ze liep terug.
Onmiddellijk riep iedereen: “Ik wil ook een zegen.” Ze kwamen naar voren, en ik vertelde ze allemaal hoe geweldig ze waren. Er was een vrijwilliger aanwezig, een helper, een reus van een football-speler met zo’n stierennek. Hij zei: “En ik dan?” “Kom maar,” zei ik. Ik legde mijn handen op zijn schouders en zei: “John, God houdt van je.” De tranen rolden hem over de wangen.
Zo zegende Henri Nouwen ‘zijn’ mensen.
Zo zijn wij geroepen om elkaar te zegenen. Zo zegent God ons. Hij omhelst ons, Hij heeft ons lief.
Dus de zaligsprekingen zouden we ook zegeningen kunnen noemen.
Ik ga in op de eerste 2 die in de bijbel staan. Ze allemaal overlopen zou te lang duren…
Gezegend de armen van geest, want aan hen behoort het Rijk der hemelen.
Armen van geest, u kan er zich wel een beeld bij vormen, denk ik.
Het kunnen mensen met een mentale handicap zijn, misschien ook kleine kinderen of psychiatrisch patiënten. Mensen die beperkt zijn in hun intellectuele mogelijkheden.
God legt op hen Zijn zegen. Hij omhelst ze, Hij bemint ze.
Vaak denken wij dat wij zulke mensen moeten helpen omdat wij beter zijn dan hen of soms hebben we ook schrik van hen.
Maar als wij ons zouden durven verbonden voelen met hen, dan kunnen zij hun zegen doorgeven aan ons. Wij kunnen hen helpen, ja, maar we kunnen veel van hen ontvangen en leren.
Ik heb als jongere veel kampen als begeleider van mensen met een mentale handicap gedaan.
Toen ik de angst voor hen losliet en hen durfde omhelzen, voelde ik mij meer dan ooit geliefd, elke keer opnieuw. Zij deden mij eraan herinneren dat ik kind van God ben. En zij doen dat nu nog. Heerlijk!
En het is niet alleen die liefde die ze doorgeven. Ze kunnen mij ook confronteren met mijn eigen tekortkomingen. Meer dan eens botste ik op mijn eigen angsten en fouten in mijn werk met mensen met een handicap.
Maar zij leerden me om geen angst meer te hebben voor mijn eigen beperkingen. Het is alsof God zegt doorheen hen: “Wees niet bang, want ik hou van jou, juist om die dingen die je niet hebt.”
Dus de armen van geest zijn gezegend. Wij kunnen hen helpen, maar zij hebben ook ons bijzonder veel te bieden! Gods zegen bijvoorbeeld!
Dan “Gezegend zij die treuren, want zij worden getroost.”
Ik ga hier nog even kort op in.
Wat ik hierbij vooral wil zeggen, is: als je treurt, als je verdriet hebt. Kijk die recht in de ogen, durf het verdriet te aanvaarden, durf zijn wie je bent.
Neem het verdriet vast en leg het in de handen van de Heer. Durf het aan Hem toe te vertrouwen. Wees niet bang voor de pijn!
Je zal zien dat je getroost zal worden door de Heer op een of andere manier. En je zal zeggen: “Ik was gezegend!”
Het doet mij denken aan het moment in mijn leven waar ik een belangrijke godservaring heb gevoeld. Op een moment van veel pijn en verdriet: 2 handen rond mijn gezicht en de zich blijvend herhalende zin: “Heb vertrouwen en je zult zien.”
Een moment dat bijna 10 jaar geleden is, maar mij voortdraagt tot op de dag van vandaag. Een gezegend moment!
Dus: durf u te laten troosten! Wees niet bang voor God. Blijf je ervan bewust dat je de geliefde zoon of dochter van God bent, niet meer en niet minder. Geliefd!

Dorien Vanbel