Artikelindex

 

Kerstmis  -  25 december ’10 – A cyclus

 

Al ruim tweeduizend jaar komen mensen telkens weer samen rond een kind,  soms midden in de donkere nacht. Wat bezielt hen toch? Och er worden elke dag en elke nacht kinderen geboren over de hele wereld!  En wat is er dan zo aantrekkelijk en boeiend aan een pasgeboren kind, dat, menselijk gesproken, toch nog alles moet bewijzen? En wat is er zo meeslepend aan  samen zingen en luisteren en gebeden uitspeken? Wat is er toch aan de hand met dit kind?
In de 7de eeuw schrijft Sofronius, bisschop van Jeruzalem, daarover heel gebald: “De Onlichamelijke is vlees geworden. De Onlichamelijke heeft een lichaam aangenomen als het onze. Hij werd naar waarheid mens, maar bleef altijd God. Hij werd gedragen in de schoot van zijn moeder, terwijl Hij in de schoot van zijn eeuwige Vader bleef. De Ontijdelijke kreeg een begin in de tijd”.  
God is dus ons bestaan komen delen in de persoon van zijn Eniggeboren Zoon: menswording noemen we dat. Dat is de kern en het originele van het christendom: dat God midden onder ons is komen leven, dat Hij vreugde heeft gekend en pijn en honger en vriendschap. Op één moment in de geschiedenis gebeurt  er iets wonderbaars tussen hemel en aarde, tussen God en mens. God is niet langer op afstand, maar Hij kruipt in onze huid. Voor Joden en Islam bestaat er een verbod om de Heilige af te beelden: christenen hebben dat niet, want God heeft zich laten zien en kennen onder mensen, in een lichaam zoals wij.
Tegenover de “pax romana”  die keizer Augustus oplegt met wapengeweld, tegenover het machtsvertoon van zijn volkstelling vinden we een kwetsbaar en onaanzienlijk kind. Voor God was dat geen toeristische uitstap, want Hij neemt wel een erg groot risico. Hij is nu immers overgeleverd in de handen van mensen. Aanvankelijk zijn dat de lieve en zorgende handen van Maria en Jozef, maar dat duurt niet lang: want zo heeft Herodes het niet begrepen. Al vlug heeft het kind af te rekenen met weerstand en afwijzing, want niet iedereen aanvaardt Jezus en in de plaats van zachte vriendenhanden komen de harde handen van Herodes’ soldaten en  later die van de  Romeinse soldaten die Hem uiteindelijk aan het kruis zullen nagelen.
De God van in het begin laat zich hier kennen als een kind van één dag oud. Tegenover alle wereldse macht en geweld stelt dit kerstverhaal een hulpeloos kind dat de weg van de nederigheid aanwijst. Waarom doet God zich hier zo te kort?  Om ons de weg van de nederigheid te leren, de nederigheid van God nodigt ons uit tot menselijke nederigheid.
Drie elementen komen naar voor in de verkondiging van de engel:
           - Ik verkondig u een vreugdevolle boodschap die bestemd is voor het hele volk,   
           - vandaag is voor jullie een redder geboren , Christus de Heer, in de stad van David,
           - en dit is het teken: een kind in een kribbe.
Deze boodschap drukt de christelijke visie op Jezus uit: Hij is de Messias uit het geslacht van David, de vervulling van wat Jesaja had aangekondigd vanuit de ballingschap: een vredevorst, en Lucas spreekt over de hoop van zoveel voorbije eeuwen.
Wat doen we daarmee in een periode waar oorlogen, spanning tussen gemeenschappen en vluchtelingen en zoveel andere problemen niet uit het nieuws zijn? Hoe kan vrede tot stand komen? Hoe kan de weg van de nederigheid hier werken? Allicht door soms het eigen grote gelijk in vraag te durven stellen, door de maskers van zelfverdediging af te durven leggen, door niet de enige overwinnaar te willen zijn, door van tijd tot tijd kleiner te durven worden. In de praktijk kan dat betekenen dat niet alle bomen tot in de hemel groeien en dat we, zoals deze dagen, de suprematie van de natuur moeten erkennen en dat de zorg voor de schepping ons ertoe dwingt te leren luisteren naar de eisen van het klimaat.    
Het kind van één dag is een teken: Paulus schrijft: in het pasgeboren kind is de genade van God op aarde verschenen: weerloze liefde die zich kwetsbaar en klein maakt.  God vraagt er geen prijs voor, gratis, zonder voorwaarden komt Hij. Het kind van deze nacht nodigt ons uit ons hart open te stellen. 
God is mens geworden op dat ene moment in de geschiedenis: met onze eigen menswording zijn we nog niet klaar: het is een opgave voor een heel leven, dag na dag.
Zalig Kerstfeest en tegelijk een nieuwe start!

Bert Taeymans