Artikelindex

GEEN VERWIJTENDE VINGER MAAR EEN VERENIGD HART - 4 september 2011

Vandaag horen we in het evangelie een uitreksel van de kerkrede of de gemeenschapsrede van Matteüs. Inderdaad het woord gemeenschap komt slechts twee maal voor in het nieuwe testament en dit is bij deze evangelist. Het thema vandaag “Wat moet onze aanpak zijn tegenover een “broeder” die zich misdraagt en hierdoor schade aanbrengt aan de Kerk, of in een breder kader aan de maatschappij?”
Het is ook vandaag nog steeds een actueel thema. In onze communicatie maatschappij worden we overspoeld met nieuws, worden we geconfronteerd met de vele mistoestanden van ver en dichtbij. Evenwel zien we tezelfdertijd een groeiend egoïsme waar mensen vele dingen rondom hen hun beloop laten gaan zolang het hen niet direct raakt. Anderzijds zijn het anoniem ventileren van ongezouten meningen– denken we maar aan de nieuwsforums op het internet, of het al dan niet subtiel bekladden van – zeg maar  roddelen over- de ander gemakkelijkere oplossingen dan wat we vandaag in het evangelie horen.
Hoe kunnen we dan wel handelen als christen?
Allereerst is er de basishouding tegenover het kwaad, dit moeten we benoemen en verfoeien en met onze mogelijkheden proberen te verijdelen indien dit nog kan. Tegenover onze broeder  wordt er een stapsgewijze aanpak voorgesteld, een weg gekenmerkt door voorzichtigheid en geduld. De eerste stap is de broederlijke vermaning, het is als het ware een vermaning met de arm om de schouder van de ander. Belangrijk is dat het hier dus niet gaat om een terechtwijzing, maar wel om het luisteren en dialogeren met de ander. Dus niet de feiten verloochenen, maar evenmin iemand in zijn hemd zetten. Deze aanpak is deze van een goede herder die op zoek gaat naar het verloren schaap.  Als deze aanpak niet werkt, wordt voorgesteld om dit in een iets bredere kring te bespreken. Ook hier staat centraal dat we, eventueel bijgestaan door een  deskundige, een beter inzicht krijgen en aan onze broeder een spiegel voorhouden hoe men door een foutief handelen anderen kwetst.  Het kennen van de diepere oorzaken moet ons helpen deze handelswijze te remediëren. Hierbij blijft de grondhouding van barmhartigheid om te vergeven en te verzoenen belangrijk. Heb je naaste lief want hij is zoals jij. Wees indien nodig de hoeder van je broeder.
Als echter ook deze tweede stap niet het nodige resulattaat oplevert, dan worden we verwezen naar het openbare forum, de plaatselijke gemeenschap. Deze gemeenschap mag en moet grenzen trekken. Evenwel heeft de kerk deze tekst mijns inziens lang verkeerd begrepen en veel te snel de communicatie verbroken en radicale stappen gezet zoals excommunicatie. Jezus roept ons echter op om er alles aan te doen met elkaar verbonden te blijven. Als echter ook deze stap niet slaagt en de dwaling blijft, dan lezen we “beschouw hem dan als een heiden en een tollenaar”. Deze uitspraak kan als zodanig moeilijk van Jezus komen. Jezus had immers een zwak voor tollenaars en zondaars en had vertrouwen dat ze in hun aard best goede mensen waren. Deze phrase moet dus eerder gezien worden als een latere toevoeging. Maar de zin  kan ook als volgt  gelezen worden  ‘ laat hem voor jou zijn als een heiden en een tollenaar voor God’: ze zijn en blijven namelijk een voorwerp van Gods zorg.  Het eind van het evangelie komt ons welbekend voor. In de context van vandaag betekent het dat indien we samen met onze broeder of in de bredere kring eensgezind iets vragen, zoals moed om de dialoog aan te gaan of een beter inzicht in de achterliggende oorzaken – dan  zullen we dit verkrijgen, want waar er twee of drie in mijn naam bijeen zijn, daar ben ik in hun midden.
Als christengemeenschap worden we dus opgeroepen, meer zelfs, het is onze plicht om te zijn als licht dat schijnt in het duister. Met een liefdevolle houding de ander te ontmoeten, aanstekelijk, zodat het goede meer en meer gebeurt in deze wereld, tot heil van allen. Want ook een kleine vonk kan het vuur doen oplaaien. En als de duisternis zo groot is dat we ons machteloos voelen, dan kunnen we nog steeds bidden dat Gods wil geschiede. Want zoals een Arabisch spreekwoord het omschrijft “ God ziet in de zwarte nacht op de zwarte steen de zwarte mier”, dus  wanhoop niet. Hij laat je nooit in de steek.
Ik wil dan ook met een toepasselijk gebed over liefde van Valeer Deschacht eindigen.

Heer God,
Gij houdt van mensen die zachtmoedig omgaan met mekaar.
Daarom vraag ik U: laat mijn hart op dat van Jezus lijken.
Laat me nooit naar de splinter zoeken in het oog van de andere
Terwijl ik de balk niet zie in eigen oog.
Help me in ieder mens het goede te ontdekken
Dat altijd groter is dan al het kwaad bijeen.
Maak me deemoedig om me nooit dwaas boven iemand te verheffen.
Doe me naar een verontschuldiging zoeken
Wanneer ik geërgerd ben over iemands falen.
Laat me voor niemand hard zijn want enkel zachte handen helen wonden.
Doe me zand strooien over elk aangedaan leed, tot zeventigmaal zeven keren.
En mocht Gij ooit tot mij ook zeggen:
“Jou is veel vergeven want jij hebt veel bemind.”

Rik Wyffels