Artikelindex

MARIA ten hemel OPGENOMEN - 15 augustus  2011

Yelena vertelde mij dat, toen ze met een wat bang hartje terug naar de Ambassade ging om te vernemen of ze haar Schengen-visum zou krijgen, de bediende haar zei: “You got it!”, je hebt het bekomen, je hebt het gehaald! EnYelena voegde er aan toe dat ze toen minstens in gedachte toch wel een klein luchtsprongetje heeft gemaakt.
Wat dit kleine voorvalletje te maken heeft met het feest dat we vandaag vieren? Wel, beste mensen,  wat denk je dat Jezus zal gezegd hebben toen Moeder Maria hierboven aankwam? En dat zou wel eens iets geweest kunnen zijn in de aard van: “Mam, you got it!”, mijn lieve moeder, je hebt het gehaald!
Want vandaag vieren we juist dat Maria het heeft gehaald, zij heeft als eerste de eindstreep al bereikt waar wij met zijn allen nog naar op weg zijn.
Het begon allemaal toen Maria als jonge vrouw de vraag kreeg van de aartsengel Gabriël, een vraag om mee te werken aan de verlossing van de wereld. Want God dringt zich niet op; Hij vraagt vrijwillige medewerking: dat was zo toen Hij de vraag aan Maria liet overbrengen, dat is ook zo voor ons: wil je met Mij misschien een stuk weg samen afleggen?
Maar wellicht zijn wij geneigd te verwachten dat voor Maria bij haar antwoord al een vrijkaartje voorzien was voor de hemel? Dat nu ook weer niet: zij kreeg die hemel niet als een toemaatje bij een gunstig antwoord, maar omwille van de manier waarop zij aan haar moederschap vorm gegeven heeft.
In 1950 heeft Paus Pius XII het dogma van de tenhemelopneming afgekondigd, meteen ook de enige keer dat tot nu toe gebruik gesteund werd op de verklaring van de pauselijke onfeilbaarheid. Die werd afgekondigd  aan het einde van het eerste Vaticaanse concilie in 1870, maar toen was de Frans-Duitse oorlog al uitgebroken en waren heel wat Duitse bisschoppen al naar huis vertrokken. Het concilie werd nooit officieel afgesloten en de verklaring zelf  bleef moeilijk liggen.
Maar  het feest zelf werd al veel langer gevierd. De hele kerkgemeenschap had immers al eerder aangevoeld en ingezien dat Maria al moest bereikt hebben wat voor ons nog ver achter de einder ligt.
En nu ga ik iets doen dat ik, denk ik, nog nooit gedaan heb in een preek: ik ga namelijk 4 latijnse woorden citeren, en ik meen dat ik dat uit principe nog nooit gedaan heb.
Het Latijn drukt dat kernachtig uit ‘Lex orandi, lex credendi”. In exact 4 woorden zegt het waar wij een paar zinnen voor nodig hebben. Vrij vertaald: de maat van ons bidden is ook de maat van ons geloven. Waar wij in ons bidden al vertrouwd mee waren, dat krijgt mettertijd ook een plaats in wat wij geloven.   
Alles begon dus met het ja-woord van Maria. Moeder worden van de Verlosser, maar hoe begin je daaraan? Er zat allicht geen gebruiksaanwijzing ingesloten bij de vraag.  Maria heeft het dus moeten leren.
Zij begon met in de leer te gaan bij haar Zoon: zij werd zijn volgelinge, zijn leerlinge. “Laat met mij gebeuren wat u gezegd hebt”, antwoordde zij aan de engel, daarin lag heel haar beschikbaarheid besloten. In haar lofzang bij Elisabeth dankt zij God om zijn aandacht voor de kleine mens, de zwakke en verloren mens. Zij zingt voor God, zij ademt zijn Geest uit en looft zijn aandacht voor wie klein en kwetsbaar is.
Als zij later contact zoekt haar Zoon, die op preektocht is getrokken, hoort zij Hem vragen: “Wie is mijn moeder”, en Hij antwoordt zelf: “Niet zij die mij heeft gevoed, maar zij die mijn woord beluisteren en het onderhouden”. Ook al is zij zijn moeder, zij heeft maar één ding te doen; zijn woord onderhouden, leven naar de zaligsprekingen die de wereld omkeren, dat geeft de armen kracht, dat brengt Gods warmte dichterbij, maar dat leidde Jezus ook naar het kruis. En daar was Maria niet weg te krijgen van haar stervende Zoon.
In het Boek Openbaring is er sprake van een grote, vuurrode draak die het kind van de vrouw wil verslinden.  Het verzet van de Joodse leiders die Jezus aan het kruis willen, dat is de eerste draak die Maria en haar kind  bedreigde.
De eerste christenen zouden al vlug ondervinden dat de draak  zijn zeven koppen opnieuw opstak: vervolging, gevangenschap, marteldood: ze waren bedoeld om Jezus’ volgelingen uit te schakelen. En in de loop van de geschiedenis heeft de draak steeds weer nieuwe verschijningsvormen aangenomen.
Ook in onze tijd is de kerk gekwetst: zij heeft een morele voorbeeldrol, en fouten worden haar dan ook zwaar aangerekend. Als één christen de kerk van Jezus te schande maakt, dan lijden alle gelovigen daaronder.
Altijd weer komt de draak van de Apocalyps op mensen af en zegt hij: zorg eerst maar voor jezelf, voor je eigen leven, maak je geen zorgen om de anderen, trek je eigen spoor en laat je niet afleiden van je doel, je eigen, persoonlijke keuze.
Maar Maria blijft daar om de volgelingen van haar Zoon te sterken en te beschermen. Zij neemt het op voor wie bereid zijn aan anderen het leven te gunnen. Zij staat achter de bewuste christenen, die vreugde vinden in hun geloof. Zij is onder het kruis van Jezus gaan staan, en staat nu ook bij de kruisen van onze wereld, zij wijst de weg naar haar Zoon.
Maria is in de hemel opgenomen, zij is meer dan iemand die wij in de bloemen zetten. Zij is meelevend en mee vechtend met allen die nu in het spoor van haar Zoon gaan. Wij kunnen naar haar opkijken en vragen: laat met ons gebeuren wat er met uw geloof gebeurde.  
Zalige hoogdag, en een fijne moederkensdag! 

Bert Taeymans