Artikelindex

15 de ZONDAG DE MILDE ZAAIER - 10 juni  2011

Vandaag horen we het eerste deel uit de parabelrede van Matteüs. Het betreft de parabel van de zaaier. Een parabel die menig landbouwer wellicht de wenkbrauwen doet fronsen. Hoe kan men nu zo dom zijn graan op de weg, tussen dorens en distels of op rotsgrond te strooien? Om deze handelswijze te begrijpen moeten we weten dat in die tijd de afbakening van weg, rots –distelzones niet duidelijk was, daarnaast is het hoogland in Palestina schraal. Daarom werd er eerst gezaaid en daarna werd er geploegd om het zaad in de aarde te krijgen.
Zo’n practische toelichting is nuttig, maar wat is de echte boodschap in deze parabel?  Jezus vertelde deze parabel om hen die van de komst van het Rijk Gods onmiddellijk spectaculaire resultaten verwachten enigszins in te tomen, geduld te vragen. In het beeld van de zaaier moeten we in de eerste plaats God zien die aan het werk is. Hij zaait genereus zijn woord en zijn liefde uit over de hele wereld. Heb geduld, zegt Jezus. Ook al gaat bij het zaaien schijnbaar veel verloren, na verloop van tijd zal een deel van het zaad overvloedig vrucht dragen. Dus na het niet veel belovende begin is er toch de overvloedige opbrengst op het einde.
Bij het uitschrijven van de evangelies, was de oorspronkelijke betekenis van de parabels soms achterhaald, en zocht men naar nieuwe betekenissen, onder meer door ze allegorisch –dit wel zeggen in beeldspraak uit te leggen. In de uitleg in het laatste deel van het evangelie wordt de parabel toegepast op de christelijke prediking en de verschillende reacties hierop. De toehoorders worden als het ware uitgezaaid. Er worden vier categoriën genoemd. De mens die het woord over het Rijk Gods van Jezus hoort maar niet begrijpt, is als zaad dat op de weg gezaaid wordt en wordt opgepikt. Wie het woord enthousiast onthaalt maar door vervolging of onderdrukking afvallig wordt, is het zaad op de rotsgrond. Wie door de begoocheling van rijkdom of door allerlei wereldse zorgen en interesses zich afwendt, is tussen de distels gezaaid. De laatste groep, mensen die het Rijk Gods begrijpen, dit ter harte nemen en beleven, zijn vruchtbaar als goede aarde. De parabel eindigt in een climax, in een boodschap van hoop en optimisme: laat ons vruchtbare aarde zijn waarop het zaad kan kiemen. Deze vruchtbare grond impliceert een grondhouding van echt luisteren in stilte met een ontvangende ingesteldheid.  Het woord van God wordt nooit tevergeefs gezaaid. Of zoals Jesaja belofte klinkt in de eerste lezing “ Gods woord is als de regen en de sneeuw die vanuit de hemel de aarde komen drenken, het keert niet onverrichter zake naar de hemel terug.”

Gods woord moet op vruchtbare bodem in ons zodanig kunnen groeien dat we erdoor gedreven worden om het te doen klinken in de wereld waarin we leven. Dit wil niet zeggen dat we met onze God en ons geloof te pas en te onpas moeten komen aandraven bij mensen die niet geïnteresseerd zijn. Maar eerder in grote bescheidenheid door onze inzet, door onze humor en optimisme meeleven en openstaan waar nodig. Zo geven we het bevrijdende Woord gestalte bij degenen die troost en steun nodig hebben. Zaaien zoals de milde zaaier, geduld oefenen tot aan de oogst, zonder te berekenen wat de ander daarmee zal aanvangen. Met de woorden van Pater Denneman klinkt het “ een zaaier leeft van de vreugde om wat is geweest en de verwachtingen naar wat komt.”
Vandaag wil ik graag afronden met een toepasslijk gebed van Jozef Delmotte:

Heer, laat mij als een zaaier,
door de velden van het leven gaan.
Ik wil geen onkruid zaaien,
geen ééndagsbloemen,
maar graan dat de diepste honger
 van de mensen stilt.

Geef in mijn handen, Heer,
het graan van uw liefde,
en toon mij het veld waarop ik zaaien mag.
Met uw genade zal ik gaan , Heer,
Uw liefde zaaien in de smalle voren van het mensenhart.

Laat mij elke avond huiswaarts keren,
moe, met lege handen misschien,
maar met een rotsvast vertrouwen
dat het kiemen en het rijpen van het graan in uw handen ligt

Wil, Heer, mij geven
wat een goede zaaier nodig heeft:
een groot geloof, een rustig hart,
een eindeloos geduld,
en veel, zeer veel edelmoedigheid, Amen.

Rik Wyffels