Artikelindex

15de Zondag door het Jaar 15 juli 2012 - Uitzending van de 12

Lieve mensen,
Stel je voor: Jezus komt hier binnen, gaat naar u toe, legt zijn handen op uw schouders en zegt: “Ik zend u uit. Ga nu, samen met uwe buurman, mijn boodschap verkondigen.”
Voilà, zo simpel als dat!
Je verlaat je huis, je laat je kleren achter, je meubels, je familie en vrienden en vertrekt. Het enige dat je meeneemt, is een wandelstok, iets om onderweg op te steunen…
En dàt is dan apostel-zijn.
Deze lezing kan verschillende vragen bij ons oproepen. Ik overloop er een paar:
Stel, jij vertrekt, effectief, als apostel op pad.
1. Wat ga jij verkondigen?
Hoe heeft Jezus jouw leven veranderd? Hoe heb jij ervaren dat De Liefde overwint? Is Jezus voor jou werkelijk verrezen? Is het rotsblok voor jouw graf weg gerold of blijf je verbitterd over sommige delen in je leven?
Misschien ervaar je niet echt een persoonlijke relatie met God, maar zou je wel graag in die liefde geloven…
Misschien heb je God werkelijk ontmoet en kan je er niet over zwijgen…
Of misschien weet je ’t allemaal niet zo goed…
Ik kan u enkel zeggen dat ik ervan overtuigd ben dat God of Jezus een relatie wil met ons, met ieder van ons.
Meermaals werd ik zo overweldigd door Zijn Liefde, een Liefde die mij zei: “Jij bent mijn kind en je bent tot in het diepst van jezelf bemind!” Ik ervaarde het toen ik in een colère ging bidden in een kapel en God uitschold voor ’t zwart van de straat. Het enige dat ik als respons voelde, was Zijn tederheid. En ik kon er niet aan uit, zo’n intense Liefde, Iemand die mij zo kon beminnen…  Ongelofelijk, ik heb er tranen met tuiten om geweend.
Of een ander moment na het biechten waarbij ik geknield zat voor het kruis, mij slecht voelde om de fouten die ik telkens weer maakte. Ook daar weer: Een en al liefde en vergeving! Alsof twee armen mij teder omringden en niet loslieten.
Of nog een moment waarin verdriet en verbittering centraal in mijn leven leken te staan. Een moment bij mijn therapeute, waarbij ik, in gedachten en gebed verzonken, twee handen op mijn gezicht voelde en een stem die bleef herhalen: “Heb vertrouwen en je zult zien!”
Die momenten en andere kleinere momenten hebben mij overtuigd dat God een relatie wil met mij, met jou, met ieder van ons. We zijn bemind door Hem met een onbegrijpelijk diepe liefde! Vanuit die Liefde kan Hij ons hele leven transformeren! We moeten alleen maar ons hart voor Hem openstellen en heel eenvoudig Kind van Hem zijn…
Dan een 2de vraag: Durf jij te verkondigen?
Stel nog eens: Jezus is hier gepasseerd tijdens de mis en heeft jou aangesproken om te gaan verkondigen. De mis is gedaan, Jezus is vertrokken.
’s Avonds spreek je met vrienden of familie af die vragen: “Hoe was het in de mis? Wat doe je daar eigenlijk? Vind je dat wel nodig en überhaupt interessant?”
Vertel jij hen dan over Jezus die je die dag heeft aangesproken?
Ik denk dat we vaak bang zijn om over ons geloof te praten. Bang om niet begrepen te worden, om misschien zelfs uitgelachen te worden.
Misschien is zo’n moment wel het moment om te vertrouwen op Jezus, om op uwe wandelstok te steunen. Het is een moment om Jezus te vragen voor de juiste woorden. Niet koste wat het kost mensen proberen te overtuigen, zegt Jezus, maar spreken vanuit ons hart, vanuit onze relatie met God.
Durven verkondigen, is ons durven kwetsbaar opstellen.
In mijn leven heb ik, ook onder jongeren, vaak ervaren dat er een grote nieuwsgierigheid is naar God, een zekere behoefte aan spiritueel leven. Ik moet eerlijk zeggen dat mijn ervaringen bij het getuigen over Gods liefde vooral positief werden onthaald. Jongeren vroegen door of toonden interesse. Vorig jaar en het jaar ervoor begeleidden Raf, mijn man en ik tentenkamp. Een jongerenkamp van het bisdom voor jongeren tussen 18 en 30 jaar. We voerden uitgebreide gesprekken met hen, over God en geloof, over de Liefde. Hun openheid was innemend!
Daar voelden we hoezeer het de moeite waard is om te durven getuigen, in onze sterkte, maar ook in onze gekwetstheid…
Dan de laatste en misschien wel de lastigste vraag: Wil jij alles daarvoor loslaten?
Vertrekken met alleen onze wandelstok.
Apostel-zijn is niet bepaald een comfortabel engagement, het vraagt om een radicale levenskeuze.
Willen wij zo ver gaan? Is ons geloof zo diep dat we tot alles bereid zijn?
Wat vraagt Jezus ons, hier en nu, om werkelijk zijn apostel te worden?
Een vraag die leeft voor ieder van ons en die voor ieder van ons een ander antwoord heeft. Misschien wel de moeilijkste, althans voor mij, waartoe zijn wij gezonden? Concreet? En gaan wij in op zijn appèl om radicaal apostel van Hem te zijn?
Ik wens jullie tot slot veel vreugde om Gods liefde
en moed in jullie keuzes om Hem te volgen!

Dorien Vanbel