Artikelindex

 

 

22ste Zondag door het jaar jaar 2 september 2012

 

Kunnen wetten door mensen gemaakt niet overeenkomen met Gods wet?
Handen wassen: je kan geen café, restaurant, kliniek, rusthuis of een ander openbaar gebouw binnengaan of je krijgt de raad om na ’t toiletgebruik je handen te wassen. Deze raad is zeker hygiënisch verantwoord. Ik kan mij ook niet herinneren dat ik ooit niet over zuiver water beschikte om mijn handen te wassen, maar deze welstand is maar in een beperkt deel van onze wereld mogelijk. Je hoort zelfs wel eens beweren dat er ooit meer strijd zal gevoerd worden om zuiver water dan om aardolie.
In elk geval kunnen in onze streken ouders en grootouders, opvoeders en begeleiders steeds weer zeggen: “was je handen voor je aan tafel komt.” Dat handen wassen voor het eten blijkt een oeroude traditie te zijn bij het joodse volk. Maar als farizeeën en schriftgeleerden zich afvragen waarom sommige leerlingen van Jezus hun handen niet wassen vooraleer te eten, krijgen ze van Jezus een antwoord om eens over na te denken. Hij zegt onder meer : “u legt de wet van God naast u neer, maar houdt vast aan de traditie van mensen.” Volgens mij bedoelt Jezus dat je iemand iets kan opleggen of verbieden uit bezorgdheid maar niet omdat het nu eenmaal zo de gewoonte is. Als je een kind zijn handen doet wassen vooraleer aan tafel te gaan, is dat in de eerste plaats uit bezorgdheid voor het welzijn van dat kind. Op die manier leg je de wet van God, de wet van de liefde niet naast je neer.
Morgen herbeginnen de scholen en elke school heeft haar reglement en op sommige vergrijpen staat er dan ook wel een straf. Maar, wanneer en hoe geef je die straf? Mijn vader die leraar was, leerde me om nooit te straffen op het moment dat je geërgerd bent door het gedrag van een leerling. Je kan dan best zeggen: “op ’t einde van de les zal ik zeggen welke straf je krijgt.” Ondertussen  kan je wel voortgaan met de les en neemt je ergernis af. Pas dan zal je een straf geven met de bedoeling om die leerling op een of ander vlak te doen veranderen van houding. Dan straf je uit bezorgdheid en niet omdat jij je geërgerd voelt. Ik denk dat je op die wijze dichter bij de wet van God staat.
We leven gelukkig in een rechtsstaat en de doodstraf bestaat niet meer bij ons. Maar hoe lang duurt “levenslang”? Ik denk nu aan het vrijkomen van Michèle Martin. Ze verhuist dan naar een slotklooster, waar de zusters in gemeenschap leven. Zal ze zich daar vrij voelen? Ze zal daar zichzelf elke dag opnieuw tegenkomen en moeten leven met wat ze heeft aangevangen.
Ooit hoorde ik van een ter dood veroordeelde wiens straf werd omgezet in levenslang, dat hij liever de doodstraf had gekregen dan te moeten verder leven met zijn crimineel verleden.
Dat we in een rechtsstaat leven is zeker goed, en dat we dan aanvaarden wat een rechter beslist;, is ook goed. Maar dat de beslissing i.v.m. Michèle Martin hard aankomt bij alle mensen die rechtstreeks of onrechtstreeks te lijden hebben onder heel de Dutroux geschiedenis is zeer begrijpelijk.
Een beetje verder in het evangelie zegt Jezus: “wat uit de mens komt, maakt hem onrein ”Elke wandaad tegen een medemens, zeker tegen een kind maakt een mens onrein. Hoe zou je daarvan kunnen gezuiverd worden? Zou het niet dichter bij Gods wet staan dat elke mens de kans krijgt om zich te zuiveren? Ooit van iemand vernomen: “Je hebt geen idee van de barmhartigheid van God. Jij zet  één stapje in Zijn richting en Hij komt er duizend naar jet toe”

 

Guido Van hove