Artikelindex

 

 

Zondag 18 door het Jaar  - 2 augustus 2015 - Broodrede

 

Als je iets nieuws  begint,  dan kun je wel eens  met onvoorziene moeilijkheden af te rekenen hebben en dan  zit de kans erin dat je gaat twijfelen. Dat overkwam het Joodse volk bij de uittocht uit Egypte.  Ze waren vertrokken met de droom van het Beloofde Land voor ogen: gedaan met de slavernij, de vrijheid zou weldra binnen handbereik komen!
Maar de tocht is lang en moeilijk  en honger en dorst beginnen te kwellen, de frustratie en de ontgoocheling slaan toe: “Waren we maar bij de vleespotten van Egypte gebleven, daar hadden we ook volop brood!” Er komt gemor van.
Maar als het donkerste dieptepunt bereikt is, komt er voor die hongerende mensen  dan toch licht: dan is er het manna voor het oprapen,  brood uit de hemel,  brood des levens! De tekenwaarde is belangrijk:  voor de levenshonger van de hongerende mensen is er dan toch een God die leven biedt!.  Dat roept het gebeuren bij het brandende braambos in herinnering  met Gods boodschap aan  Mozes: 'Ik zal er zijn voor u”. En ook na deze diepe ervaring kon het volk de Heer opnieuw erkennen als de bron van leven.
Vorige zondag was er dan het wonder van het brood voor 5000 mensen, waarmee Jezus herhaalde wat God voor zijn volk gedaan had in de woestijn. Met Jezus komen we in een periode van overvloed, Hij komt tegemoet aan de levenshonger van alle mensen. En de twaalf korven overschot verwijzen naar de toekomst: als Jezus verdwijnt zullen de twaalf apostelen zijn werk kunnen verder zetten
Maar de mensen hebben moeite met de diepere tekenwaarde ervan, dat begrijpen zij niet. Zij blijven steken bij die materiële voldoening aan een nood en  willen Hem tot koning, maar Jezus trekt zich terug. Daarom moet Jezus erop terugkomen.
Want de menigte blijft Hem achternalopen. Zij gaan alleen maar op zoek naar het onmiddellijke gewin, ja een soort verzekering voor de komende dagen.
“Niet omdat Gij de tekenen  gezien  hebt zoekt ge Mij,  maar omdat gij van de broden hebt gegeten tot uw honger was gestild”, Jezus komt geen voedselbank oprichten, geen 'resto du coeur'! Er is het voedsel dat vergaat en het voedsel dat blijft tot eeuwig leven.
Waar gaat het in feite om? Jezus stelt hier de mensen, en dus ook ons,  voor de keuze. Kies je voor het voedsel dat vergaat, of ben je bereid op zoek te gaan naar de diepere betekenis van het broodwonder. Kies je voor Mij, zegt Jezus, of haak je af. Volg je Mij, of volg je Mij niet? Blijf je vasthouden aan het materiële, het ongewone van het brood tot iedereen verzadigd is,  en zie je Mij alleen maar als de geluksbrenger in materiële noden? Of wil je met mij op weg gaan? Dan  is dit de aanloop naar het Laatste Avondmaal, een  weg die gaat over lijden en dood naar opstanding.  Dan wordt het brood een beeld van de God die ons draagt over alle wederwaardigheden heen naar de voleinding, het gaat om dezelfde God die aan Mozes verzekerde: “Ik zal er zijn voor u”.
We zien hier een goddelijke pedagogie, die ons stap voor stap meeneemt, vanaf het manna in de woestijn langs het brood van Elisa over het broodwonder van Jezus  om langs het Avondmaal doorheen de dagen van pijn, de verlatenheid van de Olijfhof en het kruis tot de verheerlijking te komen.
Wat moeten wij dan doen, vragen de toehoorders. “Geloven in Degene die God  gezonden heeft”. Hij is het échte brood dat uit de hemel neerdaalt. Het brood des levens, Wie tot Mij komt, zal geen honger meer hebben, heeft meer gekregen dan het materiële brood.
Ons antwoord ligt besloten in de manier waarop we met Jezus omgaan, hoe we Hem aan plaats gaan geven in ons leven. 

 

 

Bert Taeymans