Artikelindex

 

 

Kerstmis  25 december 2016

Vier weken zijn we onderweg sinds het begin van de advent. Week na week kregen we teksten te horen die spraken van verwachting en hoop, van meewerken aan een nieuwe wereld. In de straten verschijnen nu meer en meer  kerstbomen vol lichtjes, en  voor wie nog zou twijfelen: de kerstmarkten vertellen ons  dat er geen ontkomen  meer aan is: het wordt weer Kerstmis!
En ja,  met graagte grijpen we terug naar het aandoenlijke verhaal van de ene nacht die geschiedenis schreef. Een mooi verhaal waar niemand  koud voor blijft.
En toch: al bij al is het een verhaal dat zich in de rand blijkt af te spelen, er is zelfs geen plaats voor  in de herberg en de eenvoudige ouders moeten al snel op de vlucht  omdat grote politieke belangen op het spel staan.     Een mooi en aandoenlijk verhaal dat ons aangrijpt, maar dat  bij de huidige wereldgebeurtenissen  ook een wat wrange bijsmaak krijgt. De heilige familie kon destijds met het ezeltje nog naar Egypte vertrekken, maar vandaag worden zelfs de bussen die  de burgers van Aleppo moeten evacueren nog in brand gestoken. Wat doen we met dit verhaal als het journaal ons om de oren slaat met berichten over aanslagen die onschuldige slachtoffers maken en over  mensonwaardige vluchtelingenkampen?
Wij kennen die verhalen van bij Matheus en Lucas.
Johannes pakt het heel anders aan: hij is de laatste in het rijtje evangelisten Hij heeft veel  nagedacht en gemediteerd en beseft ten volle dat de menswording veel meer is en dieper graaft dan een mooi verhaal.
Bij hem gaat het om het Woord, het Woord dat God spreekt, want God spreekt en is op zoek naar contact.
Dat was al zo 'in den beginne', in het verhaal van genesis: “God sprak en het werd licht, het werd avond en het werd morgen”. Er is het Woord dat God sprak door zijn profeten, 'Hoe lieflijk zijn de voeten van de bode die komen van over de bergen!' schrijft Jesaja. Aan de Hebreeën, schrijft Paulus: “God heeft eertijds door de profeten gesproken, en nu door  zijn Zoon, die ons de afstraling bracht van Gods heerlijkheid”.
God komt van ver en Hij neemt zijn tijd, Hij heeft zijn stappenplan want grote dingen  vragen tijd;  maar in het Woord is Hij dichter en dichter genaderd. Hij wil niet overrompelen: zo werkt zijn goddelijke strategie,  
niet zijn goddelijke pedagogie.
Maar nu is het zover; het Woord is vlees geworden. Wat onvatbaar, onstoffelijk, gans Anders en almachtig was naar  menselijke begrippen verschijnt nu als kwetsbaar mensenkind. Hij is in onze menselijke huid gekropen, helemaal, Hij gaat veel verder dan een vaag immanent aanwezig zijn, een zweverige aanwezigheid. Hij kan pijn en honger en verdriet hebben,maar ook lachen en  praten en liefhebben. Van in het begin was Hij bij God, Hij was zelf God. Hij zal nu het licht voor de wereld zijn:  doorheen  al die menselijke eigenschappen zal Hij ons de Vader leren kennen, zijn menswording is Godsopenbaring.  Ook al zullen mensen  zijn boodschap hooghartig en betweterig opzij schuiven.  
In onze geloofsbelijdenis proberen wij te vatten  wat er eigenlijk gebeurt: 'Licht uit Licht, ware God uit de ware God, één in wezen met de Vader.”
Hij is een werkelijke mens  in wie de werkelijke God tot ons komt. “Philippus, wie Mij ziet ziet de Vader, de onzichtbare”, zal Hij later zeggen.
En Hij gaat verder; “Neem en eet, mijn lichaam, mijn bloed”. Hem die wij de gans Andere noemen mogen wij ontmoeten en tot ons te nemen in een gewoon stukje brood.
Geboren, gestorven en  verrezen, dat is de hele levensweg, de hele boodschap, er is de engel van het kerstverhaal en die bij het lege graf.   Het vleesgeworden Woord dat onder ons heeft geleefd en dat voor ons een weg van liefde een barmhartigheid heeft uitgetekend,  een remedie tegen een verharde wereld. Hij nodigt uit, daagt uit,  in alle vrijheid wil Hij veel harten winnen. Maar dan moeten wij ons even kwetsbaar durven opstellen als het zo kwetsbare kind.  Om ook nu Kerstmis te laten 'gebeuren'.
Kerstmis is een aanklacht tegen al wat er misloopt in onze wereld, maar ook een remedie en een aanmoediging om er wat aan te doen.
En hoe kan Kerstmis weer gebeuren?
 Waar mensen hun geschillen overwinnen en mekaar weer de hand reiken. Waar vluchtelingen de deur van de herberg niet op de knip vinden; waar in de warmste week vergeten goede doelen volle aandacht krijgen,  waar daklozen  in winterse avonden nachtopvang kunnen vinden, en overal waar in de kerstnacht mensen  de wake houden zoals de herders, klaar om hulp te bieden: in de klinieken, bij de politie, de brandweer..., waar chauffeurs klaar staan voor de feestbussen. Dingen die wat tussen de vanzelfsprekende plooien vallen, maar die onze waardering verdienen. En dan mag ik zeker Mohamed El Bachiri niet vergeten. Hij verloor zijn vrouw Loubna bij de aanslag in het station Maalbeek. In Terzake getuigde hij dat hij van geen haat wil weten, hij leeft  nog van  de liefde voor zijn vrouw en kinderen. En hij riep op tot een jihad van liefde. Allemaal sterretjes aan de donkere hemel,  remedies uit de kerstnacht tegen een verharde wereld.
Overal ook waar gewone mensen zoals wij de deur van onze herberg laten tegen staan zodat wie hulp zoekt zijn verhaal ook kan kwijtraken.
Voor u allen een zalig kerstfeest! Ook voor wie thuis moest blijven en er hier niet bij kon zijn.
  

Bert Taeymans