BEZOEK VAN MARIA AAN ELISABETH 4de zondag van de advent 

In dit laatste weekend voor Kerstmis, beschrijft Lucas ons het bezoek van Maria aan haar nicht Elisabet. Kenmerkend voor het opstellen van biografieën na een uitzonderlijk leven van een groot mens, gaat men terug in de tijd om dit leven te reconstrueren. Deze zopas gehoorde tekst werd 80 jaar later op schrift gesteld. Het mag duidelijk zijn dat het dus niet direct een weergave is van de historische feiten, maar veeleer een tekst met een aantal elementen die de evangelist aan de jong christengemeenschap wou doorgeven. Bij letterlijke lezing is het immers weinig waarschijnlijk dat een Maria, jonge vrouw een tocht van 150 kilometer, die minstens een 5-tal dagen duurt, helemaal alleen door een ruw berglandschap aflegt. Daarnaast wordt er niets meer gezegd over het drie maand durend verblijf bij Elisabet. 

Maar wat wil Lucas ons dan wel vertellen? Laten we dit even van naderbij bekijken.

Allereerst is dit de enige passage in de evangelies waar twee vrouwen centraal staan.  Op cruciale momenten staan vrouwen in de heilsgeschiedenis op de eerste plaats. Denken we maar aan Kana, de passage onder het kruis en deze bij het lege graf. Vandaag staan Elisabet en Maria letterlijk aan de wieg van het Christendom.

Dan is er de ontmoeting, hetgeen het centrale thema is, waarvan enkel de begroeting wordt beschreven. Het is de ontmoeting tussen twee familieleden, het eenvoudig meisje Maria en Elisabet, de vrouw van Zacharius, een belangrijk priester. Maar direct wordt de nederige houding van  Elisabet gesymboliseerd door de door haar uitgesproken woorden. Zij roemt tevens het sterke geloof van Maria  ‘Zalig ben je omdat je hebt geloofd’.

In de ontmoeting worden twee feiten bevestigd: Elisabet is in verwachting- het kind springt op in haar schoot en zij bevestigt de boodschap van Gabriël: ‘Gezegend is de vrucht van uw schoot’ en ze noemt Maria – ‘de moeder van mijn Heer’. Daarnaast vindt er als het ware een tweede ontmoeting plaats tussen Johannes en de ongeboren Jezus, een voorafspiegeling van de latere ontmoetingen. Tenslotte wordt, volgens de toenmalige tijdsgeest voorspeld hoe belangrijk Jezus zal zijn, immers de Godheid wordt vastgelegd en reeds geopenbaard voor de geboorte – waar dit in andere evangelies pas bij de doop van Jezus door Johannes wordt geopenbaard. Ten slotte is dit de eerste ontmoeting tussen mensen waar Jezus onzichtbaar aanwezig is.

Veel vernemen we niet over Maria, toch kunnen we door enkele passages in het evangelie ons een beeld van haar vormen. Maria is qua afkomst eenvoudig, is zachtaardig en pienter, vandaag wordt haar dienstbaarheid centraal gesteld. Zij staat volledig open voor de kansen die het leven biedt en gaat resoluut in op de uitnodiging van God – mij geschiede naar uw woord, waarbij ze overtuigd is dat voor God niets onmogelijk is. Dan gaat ze letterlijk maar ook figuurlijk op weg, ze neemt zelf initiatief en gaat over tot actie. De uitzonderlijkheid van Jezus vereist ook een uitzonderlijke moeder, door haar moederzijn, waar ze letterlijk Christusdrager is, heeft ze zeker ook haar stempel gedrukt op de persoonlijkheid van Jezus. Op deze wijze is ze een sterk Bijbelse figuur. Ze vormt het raakpunt tussen het oude en nieuwe testament, ze is op deze manier ook de nieuwe eva – hetgeen we nog herkennen – door de omwisseling van letters - bij het uitspreken van het woord AVE. Opvallend zijn haar laatste woorden, als figuurlijke Christusdrager, ook naar ons toe,  in de bijbel, die we horen bij het eerste teken dat Jezus stelde in zijn openbaar optreden ‘Doe wat Hij jullie zegt’. 

Wat is nu de betekenis van dit evangelie voor ons vandaag? Of anders geformuleerd: wat onthouden we uit deze ontmoeting van Maria?

Maria is door haar moeder zijn, ook moeder van onze Christuskerk en aldus een voorbeeld en toevlucht voor ons. Bernardus van Clairvaux, sinds 1830 kerkleraar, schreef in de 12de eeuw over Maria de volgende tekst:

Als gij haar volgt, verdwaalt gij niet.

Als gij haar aanroept, wanhoopt gij niet

Als gij aan haar denkt, vergist gij u niet

Als zij u steunt, valt gij niet

Als zij u beschermt, vreest gij niet

Als zij u leidt, wordt gij niet moe

Als zij u bemoedigt, bereikt gij uw doel. 

Echte ontmoetingen zijn belangrijk, ook nog in deze tijd. Nooit werd er zoveel gecommuniceerd tussen mensen, waarbij de technologische vooruitgang ons zoveel mogelijkheden biedt. Belangrijk echter blijven de echte intermenselijke ontmoetingen. Ontmoeten, bij letterlijke interpretatie, ont- moeten – het niet langer moeten, het vrij maken van tijd voor de ander. Hierbij de is begroeting niet oppervlakkig en vrijblijvend, maar warm en intens, echt geïnteresseerd in de ander. Het zijn momenten waar stilte mogelijk en zelfs waardevol is, ze geven de kans aan de ander om zijn gevoelens, zijn bezorgdheden, zijn vreugdemomenten, kortom zijn meest wezenlijke levenservaringen te delen. Deze ontmoetingen zijn niet louter beperkt tot onze vertrouwde kring van gelijkgezinden maar tevens voor onze medemens in een bredere context: de zieke buur, de bedelaar in de winkelstraat, de vluchteling, de moeilijke collega, de toevallige passant. Hierbij zijn we net als Maria, Christusdrager, waarbij we Jezus in woord en daad tot leven kunnen brengen. Daarnaast zijn er ook onze ontmoetingen met De Ander, met hoofdletter, dus met God. Ontmoetingen waar we onszelf, alleen of in gemeenschap, de ruimte en tijd geven om te verstillen, te luisteren naar Zijn stem, zoals Maria het ons voordeed. God in ons midden, Immanuel, ten volle ervaren. 

Laten we ons spiegelen aan Maria als Christusdrager in onze ontmoetingen met de ander, maar tevens in haar het  voorbeeld zien van sterk en volwassen geloof zowel in haar levenswijze en ook verwoord in haar bekend en energiegevend Magnificat gebed.

 

Rik Wyffels