Artikelindex

 

 

Pasen van de Heer Het lege graf

Vandaag vieren wij Pasen, maar dat feest komt niet zomaar uit de lucht vallen: het krijgt zijn zin en diepte uit wat voorafgaat : de hele Goede Week,  het heilig Triduum. Elke dag reikt hier zijn eigen inhoud aan. Het avondmaal met de blijvende aanwezigheid in   tekens uit het dagelijks leven, en er is ook  geen Pasen zonder Goede Vrijdag: doorheen zijn  kruisweg groeit Jezus naar zijn Pasen toe.

Maar ook wij hebben onze eigen kruisweg. Zo moeten de boeren in Guatemala vechten voor vruchtbare  grond, en wij dragen de ongemakkelijke pijn  van het kindermisbruik mee, dat weegt op ons, en dichtbij  was er  de enorme vuurzee van de Notre-Dame in Parijs. Ieder van ons draagt zijn eigen pijn en zijn eigen wonden mee. Dat alles  brengt ons dicht bij  Jezus in de  Olijfhof: het dieptepunt in zijn leven: 'Vader, als het mogelijk is...”. Die menselijke kruisweg kan soms pijnlijk zijn,  kan ons ontmoedigen, maar ook tot nieuwe sterkte leiden.

Maar vandaag is het Pasen en, dat is een dag van blijheid, van nieuwe kracht, van nieuw leven.  De energie daartoe puren wij  uit wat Jezus gedaan  en gedragen heeft.

Maar spitsen wij ons  toe op het evangelie van de dag. Er staat: “Op de eerste dag van de week kwam Maria Magdalena vroeg in de morgen – het was nog donker – bij het graf en zag dat de steen was weggerold”. Wat zij ziet brengt haar totaal in de war: helemaal ondersteboven haalt zij de leerlingen erbij en weet in paniek te vertellen dat het lichaam  van de Heer is weggehaald. Maar waar is het dan naartoe?

Wat volgt is geen verschijningsverhaal. Petrus en Johannes zijn al even verrast door het nieuws en ze gaan  mee naar het graf, nee zij lopen mee. Wat zij te zien krijgen ontstelt hen erg. Er is inderdaad geen lichaam te vinden, maar de zwachtels zijn achtergebleven en het hoofddoek ligt opzij, netjes opgerold. Lijkt helemaal niet op een vlugge diefstal. Maar wat is er dan wel aan de hand?

De drie getuigen reageren heel verschillend. Van Maria weten wij al dat ze in paniek was weggerend. Alleen Johannes schijnt te begrijpen wat er aan de hand is , hij legt het verband met wat in de Schriften voorzegd was 'dat Hij namelijk uit de doden moest opstaan'. Wij kennen hem als 'de leerling die Jezus liefhad',  Heeft zijn sterke band met Jezus hem geholpen om te begrijpen? De reactie van Petrus wordt niet vermeld, er is nog geen sprake van geloof. Staat zijn houding van de laatste dagen, zijn verraad misschien nog in de weg? Is hij daar nog niet overheen gegroeid, en belet hem dat om tot de diepere werkelijkheid door te dringen?

Samengevat: Maria Magdalena kwam en zag, maar zag niet wat zij verwacht had te zien. En zij panikeerde.  Petrus zag, en zag niet.  Johannes zag, en hij geloofde.   Geloof is ook zien wat je niet ziet.                                                                                                                  Het eerste echte verschijningsverhaal vinden wij bij Lucas,  later die dag, als twee leerlingen in de vooravond ontmoedigd op weg zijn naar Emmaüs;  een vreemde man voegt zich bij hen en gaandeweg  brengt hij hun veel inzicht bij. Hun aanvankelijke  afstandelijkheid smelt weg, ze dringen aan om te blijven  en ze delen met hem het avondbrood. Pas toen ze zagen hoe hij met het brood omging, ging er een belletje rinkelen: het brood zegenen, breken, en delen. De Levende Heer blijft ons nabij, komt te voorschijn op het moment waarop wij het het niet verwachten: aan ons  om Hem te herkennen. Wat gedurende de voorbije jaren gebeurd was, gaat niet  verloren. Hij is niet meer lichamelijk, maar op een diepere wijze aanwezig. Dat is het Pasen van de Heer.

Maar ook voor ons is het Pasen. Wat doen wij met het feest? Wat nemen wij ervan mee op onze weg?

In de tweede lezing zegt Paulus: bij de verrijzenis van Christus zijn wij zelf betrokken: wij hebben nieuw leven ontvangen om er wat mee te doen. Wij weten al langer dat liefde een werkwoord is, maar Pasen is er ook een. Doen zoals Jezus deed, of zoals Petrus aanhaalt in   de eerste lezing: leren om zoals Hij al weldoende rond te gaan. En wat wordt dat in de praktijk? Zorgen voor lichtpunten, paasmomenten  waar wij op een stukje kruisweg stoten.

Dat deden wij tijdens de vasten door ons project voor Guatemala en dat zit in de brede bewustwording rond de klimaatopwarming, of als wij bij verstoorde vriendschappen of relaties   op verzoening gaan aansturen, om nieuwe kansen te geven. Zoiets gebeurde bij de brand van de Notre-Dame toen onder de rookdonkere hemel en met de brandgeur in de neus   een cellist op zijn instrument begon te spelen, en andere mensen een lied tot Maria gingen zingen. Dat is hoop,   dat is geloof in de toekomst. Op een diepzwart moment zochten zij Maria op, die bij haar Zoon  bleef aan de  voet van het kruis, in zijn zwart moment.

Dat alles zijn lichtmomenten in de duisternis, paasmomenten. Momenten waarop wij niet blijven  toekijken vanop de zijlijn,  maar actief meewerken, vooruithelpen.  nieuw leven laten ontkiemen, aan mensen nieuw uitzicht  geven.  Dat alles is het Pasen van de Heer, dat is onze Pasen. Dat is handen en voeten geven aan het rijk Gods.

Ik wens aan allen een zalig en actief Paasfeest!!!

 

Bert Taymans